Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ONTSTAAN VAN HET GEMEENTEBEDRIJF

Een net in één hand biedt voordeelen boven een versnipperd net. Het produceerende deel van het bedrijf (de gasfabriek, het pompstation, de electrische centrale enz.) zal in het algemeen per eenheid product goedkooper werken, de algemeene kosten van directie en administratie zullen geringer zijn, vele hoofdbuizen of -kabels zullen beter worden benut.

Bij een telefoonbedrijf stijgt het nut voor lederen aangeslotene, naarmate het aantal aansluitingen toeneemt. Ook bij een vervoerbedrijf zijn de gebruiksmogelijkheden voor de reizigers grooter bij een onverdeeld dan bij een gesplitst net.

Al deze oorzaken werken in de richting, dat óf van den aanvang af slechts één bedrijf een zeker gebied bedient, öf aanvankelijk concurreerende bedrijven tot samensmelting, samenwerking of gebiedsverdeeling geraken 1). Het resultaat is in al deze gevallen, dat het bedrijf ten opzichte van een bepaald gebied een monopolistische positie inneemt.

Van deze monopolistische positie nu worden gevaren geducht voor een goede voorziening. Anders dan bij bedrijven, waar vrije concurrentie mogelijk is, wordt het eigenbelang van den ondernemer, die over een monopolie beschikt, niet door de werkelijke of mogelijke concurrentie met het consumentenbelang m overeenstemming gebracht. De monopolist zou zijn machtspositie kunnen misbruiken door een onvoldoende voorziening, in eenig opzicht, en door teveel winst, monopoliewinst, te maken.

De Overheid nu acht het haar taak de gevaren van het monopolie te voorkomen en dit is dus haar grond om zich met de monopolistische bedrijven in te laten.

Van den Tempel2) wijst er terecht op, dat dit de heerschende economische opvatting was in het grootste gedeelte der 19de eeuw.

De economische wetenschap heeft sindsdien de betrekkelijkheid van de tegenstelling tusschen een monopolistisch bedrijf en een bedrijfstak, waarin concurrentie aanwezig is, aangetoond. Het monopolistisch bedrijf blijkt niet zoo willekeurig te kunnen worden beheerd als aanvankelijk werd aangenomen; daarop kom ik in de

*) Darwin, t.a. p. blz. 49 en vlg. 2) T.a.p. blz. 33.

Sluiten