Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ONTSTAAN VAN HET GEMEENTEBEDRIJF

„De Londensche County Council behoeft zijn hand slechts uit te strekken om millioenen daarop opgehoopt te krijgen tegen minder dan vier procent. Hij moet speciale regelingen maken om kleine beleggers hierbij een kans te geven. Juist die personen, die zijn kapitaal hebben afgekamd als „gemeentelijke schulden",

vechten om de effecten zonder zich in het minst te bekommeren om hun betoogen op papier van de naderende ineenstorting van al onze gemeentelijke lichamen onder een berg van schuld en van het onvermijdelijke bankroet van Nieuw-Zeeland en de Australische kolonies in het algemeen door industrieele democratie. De belegger geeft de voorkeur aan de corporatie met de grootste gemeentelijke schuld, zooals hij de verzekeringsmaatschappij met het grootste kapitaal verkiest. En hij heeft volkomen gelijk. De uitgaven van een gemeente voor bedrijven zijn productieve uitgaven:

haar schulden zijn slechts het kapitaal, waarmede zij werkt. En daarom heeft zij nooit eenige moeilijkheid om dat kapitaal te verkrijgen. Sultans en Zuid-Amerikaansche republieken kunnen tevergeefs de heele wereld afbedelen; ministers van financiën moeten wellicht nationale obligaties beneden pari uitgeven, maar een wethouder van financiën behoeft slechts een bedrag te noemen en hij krijgt het tegen pari."

Ad 3. Bedrijfsbeheer zou gemeentebesturen in arbeidscon- Vrees voor flicten verwikkelen. In deze formuleering van Lord Avebury valt ^flfcTen de nadruk op conflicten. Of het ontstaan van conflicten tengevolge van de bemoeiing van gemeentebesturen met de loonen en salarissen van bij de gemeente m dienst zijnde personen in het algemeen moet worden gevreesd, valt te betwijfelen.

Meer gebruikelijk is de in den vorm mildere, maar m wezen Te hooge scherpere cntiek op het gemeentelijk beleid inzake de loonen van '°°nerL zijn werklieden, dat de gemeente hierbij conflicten vermijdt door loonen toe te kennen en een arbeidspolitiek te voeren, die economisch niet gerechtvaardigd zouden zijn.

Daarvoor kunnen verschillende motieven aanwezig zijn: het nastreven van kiezersgunst, het verlangen conflicten te vermijden,

politieke of sociaal-economische opvattingen, de wensch een goed Simons - Gem.-Bedr. 4

Sluiten