Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ONTSTAAN VAN HET GEMEENTEBEDRIJF

heeft het naar mijn meening weinig te beteekenen. Zelfs bij het ontbreken van een behoorlijke regeling van gemeentelijke samenwerking, die pas in 1931 in de wet is gekomen, heeft de practijk zich op velerlei wijzen weten te redden om het verzorgingsgebied van gemeentebedrijven meerdere gemeenten te doen beslaan. Overeenkomsten tot levering engros, concessies aan andere gemeenten, gemeenschappelijk bedrijfsbeheer in publiek- of privaatrechtelijken vorm zijn in zoo grooten getale aanwezig, dat niet in ernst kan worden volgehouden, dat hier te lande het gemeentelijke bedrijfsbeheer tegenover het particuliere gehandicapt zou zijn door de engheid van het verzorgingsgebied.

Trekken wij uit de beschouwing van de voor- en nadeelen Slotsom ten van geconcessioneerd beheer en gemeentelijk bedrijfsbeheer een ^me'entelijke slotsom, dan moet deze naar mijn meening ten gunste van het exploitatie, gemeentelijk beheer uitvallen. De bezwaren van het concessiestelsel bleken meer gefundeerd, van meer reëelen inhoud dan die, welke tegen gemeentelijke bedrijfsexploitatie werden aangevoerd.

En wat ik vooral van belang acht, is, dat de voornaamste bezwaren tegen het concessiestelsel daaraan inhaerent zijn. Het op den voorgrond staan van het winstoogmerk bij den in monopoliepositie geplaatsten concessionaris, de onmogelijkheid concessies zoo te redigeeren, dat zij voor den geheelen duur der concessie een bevredigende voorziening zonder moeilijkheden en geschillen waarborgen, zijn niet weg te nemen.

Daartegenover zijn de bezwaren tegen het gemeentelijk beheer,

welke eenigszins steekhoudend waren, n.1. die inzake de regeling der arbeidsvoorwaarden van het personeel en de stroefheid van het bedrijfsbeheer, niet noodzakelijk aan de gemeentelijke exploitatie verbonden. Zij betreffen de organisatie van het bedrijfsbeheer en naar wij bij de bespreking van deze bezwaren reeds zagen, kan op verschillende wijzen, door hiermede bij de regeling van de organisatie rekening te houden, aan deze bezwaren worden tegemoetgekomen. Daarop kom ik in latere hoofdstukken nog terug.

Simons - Gem.-Bedr. 5

Sluiten