Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ONTSTAAN VAN HET GEMEENTEBEDRIJF

worden. In het algemeen begon de Conseil d Etat ook een ruimer standpunt in te nemen.

Het ruimere gemeentelijk beheer van de oorlogs- en na-oorlogsjaren had de wenschelijkheid van een algemeene wettelijke regeling aangetoond. Bij decreet-wetten van 5 November en 28 December 1926 werd behoudens hoogere goedkeuring aan de gemeenten toegestaan commercieele of mdustrieele ondernemingen te exploiteeren. Met name werden hierbij vijf soorten voorzieningen genoemd: functionneering van publieke diensten - levensmiddelenvoorziening - woningvoorziening - maatschappelijk hulpbetoon, hygiëne of sociale voorzorg - verwezenlijking van stadsverbeteringen. De omschrijving, hoe ruim ook, is niet limitatief; daarnaast kan om redenen van publiek belang een gemeentelijk bedrijf, dat niet onder een dezer groepen is te brengen, worden gesticht.

Wel is de Conseil d'Etat blijven vasthouden aan het beginsel, dat de stichting van gemeentelijke bedrijven slechts geoorloofd is, waar het particulier initiatief zich onvoldoende betoont om in de behoeften der bevolking te voorzien. Toch is met handhaving van het beginsel een zekere verruiming van de jurisprudentie te bespeuren.

Overigens dient te worden bedacht, dat niet steeds de beslissing van den Conseil d'Etat door belanghebbenden werd en wordt gevraagd. De practijk der administratie heeft zich vaak kunnen bewegen buiten de grenzen, welke de Conseil d Etat in haar jurisprudentie trok J).

Duitschland. Pas in de laatste jaren is de oprichting van gemeentelijke bedrijven aan beperkingen gebonden. Volgens § 67 der Deutsche Gemeindeordnung van 30 Januari 1935 (overgenomen uit een Pruisische wet van 15 December 1933) mag een gemeente economische ondernemingen slechts dan oprichten of belangrijk uitbreiden, wanneer de onderneming door een publiek doel gerechtvaardigd wordt, naar aard en omvang in een passende verhouding tot de vermogens der gemeente en tot het verwachte gebruik staat en tenslotte het gewenschte doel niet beter en economischer

*) Tétreau, Les Régies municipales. Paris, 1935, Félix in Gedenkboek Vereeniging van Nederlandsche Gemeenten, blz. 361 en 362, Van Poelje in Gedenkboek blz. 224.

Sluiten