Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE ORGANISATIE VAN HET BEHEER

meen aldus te kenschetsen, dat de Raad de inrichting van het bedrijfsbestuur (voorzooverniet in de wet gegeven) regelt en in dit bestuur de beslissingen van algemeenen, ingrijpenden aard heeft te nemen.

Die bevoegdheid van den Raad is in de wet nog voor de volgende Speciale onderwerpen afzonderlijk aangegeven:

bevoegdheden. ^ ^ st£cjltjng van het bedrijf door de aanwijzing als tak van dienst, bedoeld in artikel 252, eerste lid der Gemeentewet,

b. het stellen van regelen voor het beheer van het bedrijf (artikelen 252, tweede lid, en 122 der Gemeentewet),

c. het vaststellen van de bedrijfsbegrooting en het voorloopig vaststellen van de bedrijfsrekeningen (artikelen 253 jo. 238 en 265 Gemeentewet).

Daarbij kunnen nog als uit eenige algemeene artikelen voortvloeiende bevoegdheden worden genoemd:

d. de benoeming van den directeur en desgewenscht van andere ambtenaren van het bedrijf (artikel 179 Gemeentewet),

e. de regeling van tarieven (artikel 170 en 275 Gemeentewet),

ƒ. de bepaling van salarissen en loonen van het bedrijfspersoneel

(artikel 170 Gemeentewet).

De macht van den Raad ten opzichte van het bedrijfsbeheer ligt Strekking van dus wel vast in de wet verankerd. De Raad is door al deze bevoegdvoegdheid56 heden in staat de groote en ook de kleinere lijnen van het bedrijfsbeheer te bepalen.

Wat is de strekking van deze bevoegdheden?

Die strekking is naar mijn inzicht de behartiging te waarborgen van het belang, waarom juist het bedrijf als gemeentebedrijf werd opgericht of overgenomen, alsmede het bedrijfsbeheer te doen passen in het algemeene gemeentelijke bestuur. Wanneer het beheer van een bedrijf aan speciale, alleen met de zorg voor dat bedrijf belaste organen werd overgelaten, zou gevreesd moeten worden, dat deze speciaal de belangen van het bsdnjf op zichzelf zouden gaan nastreven. Daardoor zou wellicht de behartiging van het belang, dat de gemeentelijke exploitatie vorderde, op den achtergrond kunnen geraken en zeker zou het verband met de algemeene huishouding der gemeente worden veronachtzaamd.

De strekking van de taak van Burgemeester en Wethouders is

*

Sluiten