Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE FINANCIEELE STRUCTUUR

Belegging buiten het bedrijf verdient bij de particuliere onderneming uitsluitend de voorkeur, omdat hierbij het liquide beschikbaar zijn van de reserve meer verzekerd is. En dit is voor het gemeentebedrijf, dat over het gemeentelijk crediet beschikt, van veel minder beteekenis.

Van de verschillende beleggingsmogelijkheden zijn dus het meest aangewezen de belegging in het eigen bedrijf en uitleening aan de gemeente, mits deze hierdoor het aangaan van een vaste leening bij derden kan vermijden. Om het belang van een goede financiering zal bij beide mogelijkheden de keuze in den regel moeten vallen op de belegging in het eigen bedrijf.

Daarna komt de uitleening aan de gemeente ter vermijding van een geldleening bij derden in aanmerking. De gemeente is hiermede allicht voordeeliger uit dan wanneer zij eenerzijds een geldleening zou moeten sluiten en anderzijds voor de middelen der bedrijfsreserve effecten zou aankoopen '). Het in rekening-courant bij de gemeente storten kan m. i. slechts aanbeveling verdienen,

als de middelen binnen vrij korten tijd benoodigd zullen zijn voor een vastere belegging b.v. voor extra-aflossing van een geldleening of voor de bekostiging van uitbreidingen.

Bij belegging van de door reserveering verkregen middelen 1,161

buiten het bedrijf wordt rente gekweekt. Het is gebruikelijk deze jer reserve rente bij de reserve te voegen en haar dus buiten de baten der verkregen, exploitatie te houden.

Zijn de middelen in het bedrijf zelf belegd, zoo wordt rente bespaard. Indien de middelen zijn gebezigd voor de extra-aflossing van een leening, is de rente dezer leening als last vervallen. Werden de gelden aangewend voor de financiering van uitbreidingen of van bedrijfskapitaal, zoo behoefde hiervoor geen leening, waarvoor rente had moeten worden betaald, te worden aangegaan.

Bedrijfseconomisch staan deze gevallen gelijk. Bij belegging in het bedrijf zelf is er dus evenveel reden de bespaarde rente aan de reserve en niet aan de exploitatie ten goede te doen komen. Dit wordt administratief bereikt door rente over de middelen der *) Zie hierover ook Wijthofï in Gemeentebestuur 1927, blz. 212 en vlg.

Sluiten