Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bedwateren

Beenbreuk

teit. Meestal zijn het dan kinderen, die df zeer nerveus en bewegelijk zijn met een te sterkzintuigsleven, óf kinderen, wien men het dadelijk aan kan zien, dat zij zich van hun lichaam (en ook van de wereld) te zwak bewust zijn.

Het vraagstuk is een typisch voorbeeld van een samengaan van medische en paedagogische problemen. Vaak zal men met een constitutioneele versterking wonderen kunnen doen, echter nooit zonder verstandige paedagogie van ouders en omgeving. Men moet bedenken, dat de meeste kinderen het zelf alleronaangenaamst vinden en er zich diep voor schamen. Alles wat bij hen op eerzucht of angst moet werken, kan tot de ernstigste en ook blijvende nadeelige gevolgen in het zieleleven leiden. Er zijn echter inderdaad steeds gevallen van nonchalance, waar een „flink pak” in één keer het euvel uit den weg ruimt, maar dit is zeker geen regel.

„Opnemen”, d.w.z. het kind 's avonds laat nog eens zijn plicht laten doen, heeft alleen dan waarde, wanneer men het er volkomen wakker bij maakt; kinderen slapen heusch gauw genoeg weer in. Het gaat erom het bewustzijn bij de verrich¬

tingen te versterken. Natuurlijk is het doelmatig, na een uur of zes ’s middags al het drinken te verbieden, vooral thee. Dan is sport in eiken vorm zonder overdrijving een uitstekend middel om bovenbedoeld bewustzijn te versterken, vooral ook het zwemmen.

Beenbreuk. Of iemand zijn enkel verstuikt of gebroken heeft, is meestal door een enkele vraag uit te maken: indien hij er nog eenige stappen mee heeft kunnen doen, is zij niet gebroken. Deze regel gaat vrijwel zonder uitzondering op en doelt op een nooit ontbrekend symptoom bij elke beenbreuk: de verminderde of opgeheven functie. Doordien vrijwel alle beenderen door spiermassa’s omgeven zijn, die hen met elkaar verbinden en doordien spieren ten allen tijde de neiging hebben om zich samen te trekken, zal bij het breken van een arm of been een tweede vaak voorkomend symptoom zijn, dat de gebroken helften langs elkaar schuiven, en het betreffende lidmaat dus korter wordt. (Een enkele maal haken de breukvlakken nog in elkaar en blijft deze verkorting minimaal). Tenslotte zal een afwijkende stand van de been-

Sluiten