Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ongelukken

(Eerste hulp bij)

lezen als iemand in gevaar verkeert. Intusschen kan hij al verdronken, gestikt, verbrand enz. zijn.Men moet werkjes als bovenbedoeld ook in „vredestijd” eens

doorlezen en met de belangrijkste handgrepen in gedachte van te voren vertrouwd raken. Kunstmatige ademhaling komt in aanmerking overal waar een patiënt, meestal door zuurstofgebrek, in een zoodanigen graad van bewusteloosheid geraakt is, dat in een voor de ademhaling weer bruikbare omgeving of toestand deze van zelf niet meer „op gang” kan komen. Dit zal dus het geval zijn b.v. bij drenkelingen, wanneer er nog maar, al is ’t nog zoo weinig, sprake van kan zijn, dat zij nog levensvatbaarheid hebben; bij een gasvergiftiging, bij bevriezing soms, bij kinderen waar men een half ingeslikt voorwerp uit de keel heeft gehaald enz., enz.

De bekendste en verreweg ook beste methode is die van Sylvester.

Men legt daartoe de patiënt op den rug (maatregelen, van te voren bij drenkelingen te nemen vindt men onder dat hoofdstuk) en plaatst zich, liefst met z'n tweeën, aan het hoofdeinde. Men vat de armen van den bewustelooze aan de onderarmen, bij de ellebogen en drukt deze eerst even stevig tegen den zij voorkant der borstkas. Daarna brengt men ze voorwaarts omhoog en naar achteren tot beide armen gestrekt boven het hoofd van den patiënt liggen en „drukt even na”. Dan weer omlaag enz. De beweging zelf moet rustig gebeuren. Elke eindstand moet 2 seconden duren (men telt daarvoor het beste rustig tweemaal: een-en-twintig hardop). Alles met groote regelmaat! Misschien is deze eenvoudige beschrijving voldoende; zeer nauwkeurige aanwijzingen maken de zaak vaak ingewikkelder. De hoofdzaak is dat men het beginsel begrijpt: de vergrooting van de borstkas bij het omhoog brengen der armen en omgekeerd. Het is alweer aan te bevelen het eens een keer te oefenen onder elkaar. Afgezien van het feit, dat het oefenen als regel een aange-

Sluiten