Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beginselen zijn geschapen. Wij schamen ons bij alle mogelijke gelegenheden; bepaalde eigen lichaamsdeelen en verrichtingen staan ons tegen, vooral de natuurlijke afscheidingsprocessen. Ik persoonlijk wordt iedere keer misselijk als bij het eten een verkouden tafelgenoot onder walgelijk lawaai zijn neus snuit. Ons aanpassingsvermogen moet toch niet aldoor op een te zware proef worden gesteld, maar dit alles zijn geen bewijzen noch vóór noch tegen. Het moeilijke conflict tusschen ziel en lichaam wordt ons bij het slachten van dieren vooral duidelijk. Haast iedere bezoeker van een slachthuis zal dit bevestigen, menigeen kan den indruk in geen weken vergeten. Vele honderd jaar geleden, toen wij nog dichter bij de natuur leefden, was de jacht een natuurlijke en noodzakelijke bezigheid. Tegenwoordig evenwel, nu de dieren gefokt en in den winter gevoerd worden en tam naast de menschen rondloopen, werkt de jacht, ondanks de velen, die hierin genoegen scheppen, niet sympathiek. Zij vereischt geen moed vooral niet wanneer de jager evenals in een vesting op den uikijk zit. Vele dieren worden hierbij alleen maar aangeschoten en krepeeren eerst weken later onder pijnen. Om de zaak poëtischer voor te stellen, heeft men de uitdrukking „jagersrecht" uitgevonden, maar vooral de drijfjacht blijft een wreede massaslachting, waarin de poëzie slechts een armzalig dekmanteltje kan verschaffen om het verstand gerust te stellen. Gelukkig zijn wij Hollanders geen groote liefhebbers van zulke jachten, evenmin van stierengevechten, schieten op duiven enz. Daarentegen hebben wij onder de roofdieren werkelijke doodsvijanden, zooals de jaguaren, tijgers en slangen, die noodzakelijk gedood moeten worden, de jacht hierop vereischt vee! moed. Maar de belangstelling voor deze soort jacht is veel minder. Hoe laag wij geestelijk nog staan, bewijst ook het vervaardigen van Persiaansch bont, dat om zacht aan te kunnen voelen, afkomstig moet zijn van lammeren, die men uit het moederlijf heeft gesnedenIk ken een kind, dat schreiend van tafel liep, toen de moeder hem vertelde, dat het kippetje, dat men daar even had opgegeten, korten tijd geleden was geslacht. Dagen lang wilde het geen vleesch meer aanroeren. Gewoonte en aanpassingsvermogen brachten het echter tenslotte toch weer daartoe.

Het is even onzinnig als nadeelig, om kinderen sprookjes

Sluiten