Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zal men hoögstens nog in de binnenlanden van Nieuw Guinea of bij de Koeboes op Sumatra kunnen aantreffen. Deze productiewijze geschiedt dus vrijwel uitsluitend door samenwerking van natuur en arbeidskracht zonder kapitaalgoederen.

2°. teelt van knolgewassen (kladi), vruchten en groenten. Deze vorm van landbouw kan zonder veel bijzondere inspanning en vrijwel zonder landbouwwerktuigen verricht worden. De benodigde werkzaamheden worden dikwijls uitsluitend' aan de vrouwen overgelaten. Runderen of buffels worden niet gehouden. Soms worden hierbij sagoof kokospalmen aangeplant. Deze cultuurvorm vindt men nog in vele streken van Nieuw Guinea en op verschillende kleinere eilanden van de Archipel.

3°. teelt van inheemse gierstsoorten en rijst. Van deze graancultuur kan men in 't algemeen zeggen, dat zij eerst dan mogelijk is wanneer de menselijke samenleving enigszins sociaal is geordend; bij de rijstcultuur is gemeenschappelijke aanwending van veel arbeid opeens, bij het planten en oogsten, noodzakelijk en deze arbeidsaanwending is alleen mogelijk wanneer vele mensen tegelijk, dus bijvoorbeeld alle leden van één familie of bewoners van één dorp, tezamen aan het werk kunnen deelnemen. Voorts kan deze cultuur alleen worden uitgeoefend door mensen met enig economisch perspectief; zij moeten verder in staat zijn de juiste tijd van zaaien en uitplanten te berekenen.*)

Overigens kan men bij deze graancultuur nog verschillende trappen van ontwikkeling onderscheiden. Men kan onderscheid maken tussen de ladangcultuur en het bewerken van permanente sawahs. Bij ladangcultuur wordt de vruchtbare grond bruikbaar gemaakt door de daarop groeiende wildernis in brand te steken, de grond wordt daarop enigermate bewerkt met de patjol of men laat vee over de velden lopen, zodat de grond losgetrapt wordt. Wanneer de grond enige tijd beplant is geweest en de vruchtbaarheid verdwenen, gaat men tot het afbranden van andere gronden over. Deze methode (extensieve cultuur) wordt thans nog toegepast in

x) Zie ook pag. 24.

Sluiten