Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

diensten voor de bevloeiing van de bouwvelden in het droge jaargetijde. Indien men nu de berghellingen van de bossen berooft, dringt het water niet in de bodem; het stroomt over de grondoppervlakte naar beneden, waarbij de humuslaag der berghelling wordt weggespoeld en beneden in de vlakte gevaar ontstaat voor overstroming, en verzanding van de riviermonden. In het droge jaargetijde leveren dan de bronnen geen water meer. Hieruit ziet men, dat de gemeenschap er groot belang bij heeft, dat aan willekeurige ontginning paal en perk wordt gesteld. In Frankrijk, Zwitserland en Italië (vooral sedert het bewind van Mussolini) wordt daarom uiterst streng de hand gehouden aan de regels, die voorgeschreven zijn voor de bescherming van bossen op de berghellingen. De ontginningsordonnantie van 1874 (gewijzigd in 1896 en 1925) voor Java en Madoera stelt als eis, dat voor elke ontginning vergunning wordt gevraagd aan de overheid. Men is er evenwel tot nu toe niet in geslaagd de ladangcultuur op Java geheel tegen te gaan. Officieel werd deze cultuur toegelaten in Zuid-Bantam (waar in 1900 bepaalde gebieden, de zogenaamde hoemablokken, voor de wisselbouw zijn aangewezen). In streken van de buitengewesten, waar nog voldoende vruchtbare grond beschikbaar is, en waar in dunbevolkte streken veel ladangcultuur voorkomt, levert deze ontginningswijze niet zo'n bezwaar op.

watertoevoer Voor de voedselvoorziening van de bevolking is voorts van groot e° afvoer belang, dat de watertoevoer en waterafvoer behoorlijk geregeld is.

Men moet onderscheid maken tussen:

i°. bevloeide sawahs.

2°. sawahs van regen afhankelijk.

30. moerassawahs.

4°. tegalans, dat zijn droge gronden, beplant met mais, tabak enz.

In 1934 bedroeg de oppervlakte van de bevloeide sawahs op Java en Madoera ongeveer 3.300.000 ha en van de andere gronden (in hoofdzaak tegalans) ongeveer 4.443. C 00 ha. Het water, dat kunstmatig wordt aangevoerd uit de rivieren, brengt allerlei voedingsstoffen voor de planten met zich mee, waardoor de blijvende vruchtbaarheid van de grond beter gewaarborgd is. Voor de aanvoer en afvoer van water zijn op Java kostbare kunstwerken aangelegd zoals: dalversperringen, stuwdammen, kanalen, waarvoor vele millioenen zijn uitgegeven. In 1930 is op Java en Madoera voor nieuwe irrigatiewerken door het

Sluiten