Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

strijdt met de goede zeden of de openbare orde, of wanneer de statuten niet voldoen aan de eisen van de wet. De wet zegt bijvoorbeeld, dat de directeuren niet persoonlijk aansprakelijk zijn voor de schulden van de vennootschap; dat geen vaste uitkering per jaar aan de aandeelhouders mag worden beloofd, maar dat deze uitkering (het dividend) moet geschieden uit de inkomsten, na aftrek van alle uitgaven (Wetboek van Koophandel, art. 45 en 49).

Vrijwel alle grote ondernemingen, die suiker, tabak, rubber en andere handelsproducten voortbrengen, de grote bankinstellingen in Indië, verschillende spoorweg- en tramwegondernemingen en mijnbouwmaatschappijen, zijn opgericht in de vorm van naamloze vennootschappen. De aandeelhouders van deze vennootschappen wonen voor een groot deel in Nederland. Ook zijn er enkele cultuurmaatschappijen, waarvan de aandeelhouders grotendeels vreemdelingen zijn, zoals Engelsen of Amerikanen 1).

coöperatieve De Coöperatieve Vereniging zullen wij enigszins uitvoerig vereniging, behandelen, niet vanwege de grote vlucht, die de coöperatieve bedrijfsvorm in Indië reeds genomen heeft, maar omdat deze bedrijfsorganisatie van veel betekenis kan worden in de toekomst, speciaal voor de inheemse producenten, die daarvan de voordelen zullen leren inzien.

In Indië bestaan er twee wettelijke regelingen voor coöperatieve ondernemingen naast elkaar, n.1. een Ordonnantie van 1933 en een Ordonnantie van 1927. Van de wettelijke regeling van 1933 kan iedereen gebruik maken, onverschillig tot welke bevolkingsgroep hij behoort, terwijl de Ordonnantie van 1927 alleen bestemd is voor „Inlandse natuurlijke- of rechtspersonen".

Art. 2 van de Ordonnantie van 1933 zegt:

„ Onder coöperatieve vereenigingen worden verstaan vereenigingen van personen, waarbij de in- en uittreding van leden is toegelaten en die de bevordering van de stoffelijke belangen van de leden ten doel hebben, als door middel van gemeenschappelijke uitoefening van hun nering of ambacht, door aanschaffing van hun benoodigdheden of het hun verstrekken van voorschotten of crediet.

*) Zie pag. 57 e. v.

Sluiten