Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Langzaam wijkt de nacht en wordt het lichter in de cel, de jongen praat met zijn moeder. Moeder, dadelijk word ik gehaald, dan ben ik bij je. Hij omhelst haar en gilt als hij merkt dat hij alleen is. Moeder kom toch gauw, ze willen me dood maken, is er dan niemand die me helpen wil! Ik zal het nooit meer doen, nooit, maar laat me leven, ik wil niet onder de bijl... moeder!

Seffe schrikt en staat op, het is of hij de jongen hoort roepen. Ja, daar is het weer, hij schuift de gordijnen opzij en kijkt in de donkere tuin. Daar ziet hij de jongen geknield voor het blok, zijn hoofd voorover door riemen er tegen aan gedrukt. De beul heft de bijl... Seffe sluit de oogen en schuift het gordijn dicht.

In zijn stoel zit de jongen. Ben je daar, vraagt Seffe, je hebt niet voor niets geleden en je zonden zijn al lang vergeven.

Mijn boek zal velen wekken, zij zullen rillen van afschuw en het niet gelooven. Maar zij die zijn als ik zullen een verzet in zich voelen. En wie eenmaal dit verzet in zich heeft zal geen rust vinden tenzij in de strijd tegen het noodeloos lijden der menschen.

Bedenkt wat het is dat in een niet ver land

Sluiten