Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heeft ons wakkergeschud uit de droom van onze jeugd, zagen wij niet bloed aan de handen van vader en moeder? Wij hebben er een onrustig hart en een onrustige slaap uit overgehouden. Maar nu staan wij hier en getuigen met vaste stem: wij willen niet worden als gij, wij willen ons hart behouden en wenschen geen beul voor onze zondaars.

Ja, zij die weerloos op het blok zijn gebonden worden kinderen. Zij roepen in hun uiterste nood om u, ouderen, zij roepen: moeder...!

Maar zij vergeten in hun doodsangst dat gij voor hen deze foltering hebt uitgedacht, gij harteloozen.

Seffe wachtte een oogenblik en dacht er over na hoe hij de epiloog van zijn verhaal zou besluiten. Voor hem stond het portret van zijn moeder, een bleek ovaal gezicht met droeve oogen. Seffe kon zich haar stem niet meer herinneren. Zijn jeugd leek hem lang, lang geleden, hoe was het toch vroeger thuis. Hij had een vage herinnering aan een plaat boven zijn bed en aan de tuin waarin zonnebloemen stonden op hooge lange stelen. Zijn leven vóór zijn ontwaken scheen hem een bijna vergeten droom. Wat leef ik nog maar kort, dacht Seffe,

Sluiten