Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het is de terugslag, dacht van Hasselt, ik heb het zelf ook gekend, die moedeloosheid na het schrijven van iets dat me erg aangreep. Maar ik had vrienden met wie ik sprak. Seffe heeft niemand. Van Hasselt geneerde zich een beetje om veel belangstelling te toonen. Zag Seffe hem niet altijd als oudere? Maar op een avond dat Seffe lang en zwijgend bij hem had gezeten, zegt hij: Seffe, hoe is 't nu met je boek, schiet het op?

't Is klaar.

En mag ik het dan niet lezen?

Ja, maar ik wil er zelf niets meer van hooren, 't zou me gek maken.

Je bent moe, Seffe, over een paar weken heb je er weer zin in. Haal het maar, ik wil het graag zien.

Seffe kreeg door de woorden van van Hasselt ineens weer moed. Zou het alleen maar moeheid zijn en. niet dat hij te willoos was om door te zetten? Het gaf hem een triomfantelijk gevoel dat van Hasselt zou lezen wat hij, Seffe, had geschreven. Ja, als hij eenmaal een uitgever had dan zouden ontelbaren zijn boek lezen. Zijn hart klopte vlugger bij de gedachte. Waarachtig, niet voor niets hebben ze zijn jeugd ontnomen. Niet voor niets zijn Hanz en

Sluiten