Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij: wacht maar mannetje tot je de menschen wat beter leert kennen, dan zul je zien wat een groot mensch Aart van der Leeuw was.

En nu hij twee jaar later de Begroetingen weer opnieuw las, leek het hem of iemand van wie hij hield hem zacht de hand drukte. En steeds moest hij onder het lezen denken aan frissche zomersche dingen: aan golvend groen gras, aan diepblauwe lucht met witte wolken en vooral aan helder water waar de zon op stond zoodat het tintelde en leefde.

Het boek maakte hem blij, telkens opnieuw en ja, Dirk had gelijk, Aart van der Leeuw was een groot mensch: scheen uit zijn woorden niet een wonderlijk licht? Hij vond het jammer dat Aart van der Leeuw niet meer leefde. Toch was het Seffe of hij zijn levende stem had gehoord. Hij dacht aan van Hasselt die eigenlijk ook dood was.

Op een avond dat hij in bed lag en het licht al had uitgedaan kwam hij met een schok overeind, meenende het woord gevonden te hebben: vrede. Maar toen hij het een paar maal hardop had gezegd ging hij weer liggen en sliep onvoldaan in.

Nee, het duidde het niet aan en toch... tóch was er iets dat gelijk aanwezig was in de

Sluiten