Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zoodra Seffe zijn boek in de etalages had zien liggen is hij dezelfde dag naar Marianne gegaan. Nu is hij Verburg, jaja, van dat boek, je weet wel... Hij gaf opzettelijk een beetje toe aan zijn trots, heb ik er recht op of niet, al was 't alleen maar om 't corrigeeren. Was het niet om gek te worden je eigen werk te moeten lezen, steeds weer je eigen woorden te hooren. Hij had al in een exemplaar zijn naam gezet, maar hij nam het niet naar haar mee. Wat heeft Tine er mee noodig en die oude de Kra. Maar nu heeft ze er om gevraagd: hoe is 't met je boek, mag ik het lezen? Seffe herhaalt het honderd maal op een dag: mag ik het lezen? O, Marianne, jij, mijn geluk, en hij keek naar de hemel die bedekt was of ergens in de verte, zuchtend, zuchtend om zooveel heerlijkheid.

Iedere dag liep hij in de stad de boekwinkels af. In sommige lag het niet. Daar bleef hij voor de winkelruit staan alsof hij het te voorschijn kon tooveren. Soms kocht hij er een paar enveloppen om te zien of het binnen lag. En hij troostte er zich mee dat het wel niet zoo'n erg goede boekwinkel zou zijn.

Maar in enkele winkels lag het dan toch. Daar zag hij, telkens opnieuw met een schok

Sluiten