Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eerst de menschen ontdekte. Sommigen zagen hem aan en vonden hem een rare. Toen er naar hem gewezen werd liep hij door.

Maar hij zag ieder die hem tegemoet kwam een oogenblik recht in het gezicht, wat was het heerlijk dat te doen. Er was in elk gezicht iets moois, iets dat hem blij en verlangend maakte. Maar ook weemoedig omdat hij niet begreep waarom ieder mensch zoo eenzaam was. Bij sommigen zag hij in de oogen het verlangen begrepen te worden, iets hongerigs dat hem vreemd pijn in de borst deed. Enkelen waren overmoedig blij en juist die maakten hem verdrietig, zij leken eenzamer dan alle anderen. Geboeid keek Seffe toe, wat was het wonderlijk te beseffen dat al die menschen leefden, ademden, dachten en hém zagen gaan. Hij kon het niet begrijpen, maar het was zoo mooi om het even in al z'n grootschheid te beseffen. En hij had groote spijt, berouw bijna, dat hij zijn boek had geschreven zonder de menschen te kennen. Want al die menschen van z'n boek, die vreeselijk slechte menschen, die woonden maar in hem, die waren dood: van Hasselt had gelijk. En hij schaamde zich om het woord liefde dat hij had misbruikt omdat hij niet wist wat het beteekende. Wat

Sluiten