Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XXIV. Huwelijken tusschen bloedverwanten te Amsterdam.

Aantal huwelijken tusschen

Perioden Neef en nicht Oom en nicht Neef en tante

Joden 0ve"ge , d Overige , , Overige bevolking Juuen bevolking Joden bevolking

1916-1920 . . 68 (2,6) 221 (o,8) 1 5 i

1921-1925. . 44 (J,6) 174(o,6) — 3 _ __

1926-1930 . . 39(7,7) 148 (0,5) 2 2-6

gesloten huwelijken in dezelfde periode. Deze percentages toonen aan, dat huwelijken tusschen neef en nicht bij de Joden in Amsterdam ongeveer drie maal zoo veel voorkomen als bij de overige bevolking, hoewel het percentage zelve ook niet buitensporig hoog te noemen valt.

De gegevens over vroegere perioden ontbreken ons, zoodat niet valt na te gaan welken invloed de grootere verspreiding der Joden over de geheele stad, het losser worden van den familieband ook, heeft gehad op dit verschijnsel.

Kerkelijke inzegening.

Tabel XXV bevat de gegevens omtrent het aantal Joodsche huweyken en het aantal dier huwelijken, welke gevolgd werden door een kerkelijke inzegening sinds 1901, verdeeld naar vijfjarige perioden.

In dertig jaren tijds is het percentage Joodsche huwelijken, dat door een kerkelijke inzegening werd gevolgd, met vijf procenten gedaald. De beteekenis van dit percentage, zelfs na de geconstateerde daling, kan het best blijken, zoo men het vergelijkt met het percentage der kerkelijk ingezegende huwelijken van andere groepen. Die vergelijking kan niet teruggaan tot 1901, daar de officiëele Amsterdamsche statistiek de kerkelijke inzegeningen eerst sinds 1921 onderscheidt naar den godsdienst der huwenden1).

odJL™VT d,e J°odsche huwelijken ook de cijfers vcor vroegere jaren konden worden f ™1 dankik aan de opgaven van de Nederlandsch Israëlietische Hoofdsynagoge en de Portugeesch Israëlietische Synagoge te Amsterdam.

Sluiten