Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lastingplichtige voor te brengen getuige, welke getuige bedoeld biljet mede onderteekent.

(7) De benoodigde aangiftebiljetten zijn kosteloos verkrijgbaar ter Provinciale Secretarie.

Artikel 8.

(1) Het College van Gedeputeerden onderzoekt de aangiften.

(2) Twijfelt het aan de juistheid der aangifte of acht het nadere opheldering noodig, dan wel, is geen aangifte gedaan, dan stelt het den lastgever, respectievelijk den belastingplichtige een billijken termijn om schriftelijk of mondeling nadere gegevens of opheldering te verstrekken.

(3) Bij gebreke aan voldoende opheldering stelt de Raad den aanslag vast op het bedrag, dat hem juist voorkomt.

Artikel 9.

(1) De aanslagen worden ten kohiere gebracht.

(2) Na de vaststelling der kohieren worden aan elk der daarin vermelde belastingschuldigen aanslagbiljetten uitgereikt.

(3) De Gouverneur is bevoegd om schrijf- en rekenfouten, bij de vaststelling der kohieren begaan, te herstellen, echter na de uitreiking van het aanslagbiljet niet ten nadeele van den belastingschuldige.

Artikel 10.

Indien eenig feit grond oplevert voor het vermoeden, dat een te lage aanslag is opgelegd, of dat gedurende eenig belastingjaar een aanslag over dat jaar ten onrechte is achterwege gebleven, kan de te weinig geheven belasting worden nagevorderd, zoolang niet sedert den aanvang van het belastingjaar vier jaren zijn verstreken.

Artikel 11.

De aanslag kan worden verhoogd:

a. met tien ten honderd, indien een aangifte niet binnen den daarvoor gestelden termijn is gedaan;

b. met vijftig ten honderd, zoo de verschuldigde belasting meer bedraagt dan volgens de gedane aangifte verschuldigd zou zijn, onverminderd de verhooging, bedoeld sub a;

c. met honderd ten honderd in geval van navordering.

Sluiten