Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK II.

Voorschriften, betreffende het vervoer van basten, houtskool en andere boschbij- of neven voortbrengselen (artikel 60, 1 i d (3) letter b, van de Boschverordening Java en Madoera 1932).

Artikel 5.

(1) Binnen 's Lands bosschen, gelegen in de Provincie OostJava, binnen de kringen, aangewezen bij lid (1) van artikel 1, en binnen de bij lid (1) van artikel 3 aangewezen wildhoutpasgebieden is voor het vervoer van houtskool en basten, niet vallende onder de bepalingen sub e van het eerste lid van artikel 60 van de Boschverordening Java en Madoera 1932, een pas vereischt.

(2) Binnen die gedeelten van de bij lid (1) van artikel 1 aangegeven kringen en van de bij lid (1) van artikel 3 omschieven wildhoutpasgebieden, welke buiten 's Lands bosschen liggen, is de in lid (1) van dit artikel gestelde eisch niet van toepassing op vervoerde hoeveelheden houtskool tot een maximum van 1 5 kg de persoon.

HOOFDSTUK III.

Voorschriften, als bedoeld in artikel 64 van de Boschverordening Java en Madoera 1932, betreffende het inzamelen in 's L a n d s bosschen van b o s c h b ijvoortbrengselen.

Artikel 6.

(1) Het verzamelen, snijden of kappen van vruchten, wortelen, sap van bloemkolven, zaden, bladeren, rotan en bamboe, welke door den Dienst van het Boschwezen zijn gekweekt, is verboden.

(2) Het verzamelen, snijden of kappen van de in lid (1) van dit artikel genoemde boschbij voortbrengselen, niet door den Dienst van het Boschwezen gekweekt, zoomede gras, alang-alang en glagah is verboden in:

a. alle plantsoenen;

b. alle boschgedeelten, welke bestemd zijn binnen 10 jaar kunstmatig te worden be- of herbeboscht;

Sluiten