Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 18.

(1) De bedrijfsrekeningen worden opgemaakt door het College van Gedeputeerden en door dat College den Raad aangeboden.

(2) De Raad stelt de bedrijfsrekeningen vast vóór de voorloopige vaststelling van de begrootingsrekening.

Artikel 19.

(1) Behalve de stukken, welker overlegging in de ProvincieOrdoni antie is voorgeschreven, worden bij de begrootingsrekening overgelegd:

a. afschrift van de begrooting van uitgaven en ontvangsten;

b. afschrift van de besluiten tot wijziging der begrooting;

c. afschrift van de besluiten tot beschikking uit den post voor onvoorziene uitgaven;

d. een exemplaar van de bedrijfsrekeningen;

e. een staat, houdende specificatie van den post „Andere ontvangsten" der begrootingsrekening, ingericht volgens het hierbij behoorend model XVII;

f. voor elk artikel der begrooting van uitgaven een verzameling volgens model XVIII.

g. een exemplaar der extracten uit het kasboek van den Kashouder der Provincie;

h. een staat model XIX, houdende:

le. een opgave der onroerende eigendommen, met uitzondering van die, welke in een bedrijf zijn ondergebracht en van die, welke kosteloos ten gebruike van het algemeen zijn bestemd (wegen, bruggen, plantsoenen enz.); 2e. een opgave der als reserve belegde gelden;

i. een verbaal van het verhandelde in de vergadering van den Raad bij de voorloopige vaststelling der begrootingsrekening.

(2) Aan het besluit, waarbij de begrootingsrekening voorloopig wordt vastgesteld, wordt de vorm van het hierbij behoorend model XX gegeven.

Sluiten