Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tief. Wie echter van éen ding uitgaat vindt ook niet meer dan éen ding.

Waarom beperkte Ter Braak zich tot dit eene ressentiment? Ik heb, na een snelle eerste lectuur van voor eenige maanden, Van Oude en Nieuwe Christenen thans in twee gedeelten herlezen; ik schreef ook de enkele bladzijden over het eerste deel voor ik met het tweede begon. Toeval, instinct? — ik sta voor het feit dat ik op de vragen die ik in het eerste deel zag gesteld in het tweede slechts halve antwoorden vind. Het is waar, dat in het eerste deel van het boek, het probleem der menschelijke waardigheid in een nieuwen vorm wordt gesteld, het is niet minder waar dat Ter Braak na de analyse der disciplinaire vormen van het christendom tot de conclusie komt dat deze waardigheid in de menschelijke gelijkheid bestaat en dat men thans uit opportunisme democraat heeft te zijn, het is echter ook waar dat hij zich, in dat eerste deel, van de phase waarin hij niets dan bourgeois dacht te zijn, los heeft gemaakt, dat hij de hiërarchie van het avontuur preciseert als het zijn van nomade en de nomade als Don Quichote, maar reeds met die laatste verschuiving opent hij een nieuw perspectief dat hij aan het slot van zijn boek echter

Sluiten