Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Laat ons thans zien, wat we van de voortplanting weten.

Deze vindt, waar de vleermuizen behooren tot de Placentale Zoogdieren, plaats door volkomen jongen. Het aantal jongen, dat per keer geworpen wordt, is één, soms twee. De paring vindt plaats in het najaar, dus voor den winterslaap. Wijfjes, die dan niet gepaard hebben, kunnen in het voorjaar, na beëindiging van den winterslaap, nog paren, daar de bronst der mannetjes schijnt te duren van September tot April, met onderbreking door den winterslaap. Als de copulatie in het najaar plaats vindt, kan geen bevruchting plaats vinden, daar geen rijp ei aanwezig is. De spermatozoïden blijven in de onderste deelen der geslachtsgangen (vagina en uterus) leven en pas in het voorjaar, als er een rijpe eicel in den eileider aanwezig is, vindt de bevruchting plaats. Een merkwaardig verschijnsel en eenig in zijn soort onder de zoogdieren.

Om te verhinderen, dat de spermatozoïden uit de vrouwelijke geslachtsgang wegvloeien, vormt zich gewoonlijk een prop gestold eiwit in deze gang, waardoor deze wordt afgesloten en een wegvloeien voorkomen.

De copulatie bij vleermuizen is in het wild nimmer waargenomen, maar men vermoedt, ook al wordt dit door enkele onderzoekers tegengesproken, dat de paring plaats vindt in de, voor de zoogdieren, normale houding. Waarschijnlijk is het ook, dat een wijfje met meerdere mannetjes paart, wat men afleidt uit het zeer groot aantal spermatozoïden, dat men in de geslachtsgangen der wijfjes aantreft.

De draagtijd is ook niet met zekerheid aan te geven, maar wordt geschat op 60 tot 80 dagen. Eisentraut kon bij verschillende exemplaren van Myotis myotis de embryonale ontwikkeling versnellen of remmen, al naar gelang hij de dieren hield op warme of koudere plaatsen. In de vrije natuur zal de duur van den dagslaap, die immers gepaard gaat met temperatuursdaling, invloed hebben en zoo zal de geboorte vroeger plaats vinden, indien het voorjaarsweer mooi is en de dieren dus weinig koude nachten behoeven te verslapen.

Kort na den winterslaap scheiden de wijfjes van één soort zich af en zoeken een plaats op, waar ze gezamenlijk bijeen blijven en de geboorte van haar jong of jongen afwachten. Mannetjes ontbreken, al wordt er een enkele maal wel eens een mannetje tusschen de wijfjes aangetroffen. Ook na de geboorte blijven de wijfjes bijeen in deze kraamkamer voor de opvoeding der jongen. Eerst daarna wordt het sociale leven opgegeven.

Sluiten