Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EENER BESTUURSHERVORMING IN INDIË (1910-1913)

blijdde, namelijk dat niemand in de Kamer bezwaar had tegen de voorgestelde lotsverbetering der Inlandsche ambtenaren. Spreker betreurde het, dat die ambtenaren min of meer de dupe waren van den langzamen gang der behandeling van het ontwerp.

De Heer De Meester — zeide spreker — was begonnen met den indruk te schetsen, dien de lezing der Memorie van Toelichting bij hem had verwekt.

Spreker moest erkennen, dat wanneer de Regeering eenvoudig een voorstel had gedaan om met het oog op de wenschelijke reorganisatie van het bestuur in Indië iemand met de voorbereiding daarvan te belasten, het voor de Kamer gemakkelijker zou zijn geweest daarvoor geld te voteeren en dat veel tijd daarmede gewonnen ware geworden. Hij wilde echter uiteenzetten, welke overwegingen hem hadden gedrongen om een eenigszins uitvoerige toelichting te geven.

Spreker had in de Kamer menigmaal de ondervinding opgedaan, dat wanneer een wetsontwerp wordt ingediend met een zeer korte Memorie van Toelichting, men niet tevreden is en er zich over beklaagt, dat de Regeering allerlei plannen koestert, die zij niet ventileert; er wordt dan aangedrongen op een uitvoerige uiteenzetting van hetgeen eigenlijk wordt beoogd.

Spreker vreesde, dat het hier evenzoo zou gaan en achtte het daarom het beste, terstond mede te deelen welke denkbeelden de Regeering voorstond bij hare voorstellen tot uitzending van een Regeeringscommissaris. Evenwel — en dit bleek genoegzaam uit het voorstel zelf en uit de geheele wijze, waarop de zaken behandend waren — de bedoeling was volstrekt niet, dat de Kamer zich nu zou moeten vereenigen, punt voor punt, met alles, wat in de Memorie van Toelichting werd gezegd. Spreker begreep zeer goed, de Memorie van Toelichting was trouwens in zeer algemeene termen gesteld, dat zich allerlei bezwaren konden voordoen, die men niet had voorzien.

Intusschen had de vertraging, die de behandeling van het wetsontwerp had ondervonden, tengevolge gehad, dat voor de zaak belangstelling in den lande was gewekt; dat er een breede discussie was ontstaan, waarvan in het Voorloopig Verslag een echo was opgevangen en ook bij de openbare bespreking een en ander was gebleken. Tevens was daardoor voorkomen, dat later, wanneer uit Indië een voorstel kwam, men niet wist welke bezwaren

Sluiten