Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MAATREGELEN TER UITVOERING DER WET

op, niet te begrijpen, hoe men aan dit punt een zoodanige beteekenis wilde geven. Bovendien vergat men — opnieuw bracht ik dit in herinnering — dat het wetsvoorstel was voorgebracht als memoriepost. Bij den Volksraad en daarna hier was het aanhangig gemaakt met geen ander doel dan om gelegenheid te geven, de gedachten te laten gaan over de in de Memorie van Antwoord schematisch ontwikkelde plannen.

Wanneer nu in de Kamer bij de gedachtenwisseling denkbeelden waren voorgebracht, die verkieslijk voorkwamen voor de definitieve uitwerking, ging het toch niet aan te zeggen, dat zich daarbij iets zou voordoen, dat met de bedoeling van het overleg niet in overeenstemming was.

„Mijnheer de Voorzitter — verklaarde ik, toen de oppositie steeds meer een agressieve houding begon aan te nemen — „ik zou ten slotte nog willen vragen, wie en wat den Minister van Koloniën zou beletten, den Gouverneur-Generaal uit te noodigen om bij de nadere overweging en bij de nadere uitwerking van de plannen, die zooals ik zooeven verklaarde, later bij den Volksraad komen en daarna in den vorm van uitgewerkte begrootingsvoorstellen opnieuw bij de Staten Generaal, alsnog rekening te houden met een inmiddels hier opgekomen zienswijze. Een aannemelijk antwoord, dat ook maar eenigszins zou kunnen waar maken, dat de Minister niet de volle bevoegdheid daartoe zou hebben, is niet te geven" i).

Onder luid verzet in de Kamer, die tot stemming wilde overgaan en blijkbaar genoeg had van het optreden der tegenstanders, deed ten slotte Mr. Joekes nog een laatste poging om de kans te doen keeren en zijn tot het uiterste opgedreven bestrijding te redden. In de eerste plaats waagde hij naar aanleiding van het doeltreffend betoog van den Heer Beumer zich aan de tegenwerping, dat men de uitvoerige discussie van den Heer Knottenbelt met den Minister niet had kunnen volgen. Verder was het dien morgen hem gebleken, dat, tot zijne verwondering, in afwijking van de gewoonte der Kamer het betreffende gedeelte van de Handelingen den tweeden dag na de beraadslaging nog niet was verschenen.

Intusschen wilde spreker — het was zijn derde motiegebaar van dien dag — gaarne gevolg geven aan den wenk van den Heer Van ') Handelingen a. v.,blz. 1994-1995.

Sluiten