Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MAATREGELEN TOT UITVOERING DER WET

moeilijkt zouden worden, en als vaststaande aannam, dat niet tot de uitvoering van plannen zou worden overgegaan alvorens Volksraad en Staten-Generaal zich nader over de alsdan uitgewerkte plannen zouden hebben uitgesproken bij het voteeren der noodige gelden.

De tweede spreker daarentegen, de oud-Gouverneur-Generaal Mr. Fock, gaf te kennen, dat ofschoon hij er geen bezwaar tegen had het wetsontwerp aan te nemen, hij dit alleen zou doen omdat het naar zijne meening geen effect kon hebben. De Minister zag daarin een principieele beslissing over de algemeene richtlijnen, maar spreker achtte de Staten-Generaal door het ontwerp niet gebonden. Weliswaar hadden beide Kamers in 1930 den wensch uitgesproken, in de gelegenheid te worden gesteld door een begrootingspost hunne inzichten te doen hooren over de beginselen van de uitvoering der bestuurshervorming in de Buitengewesten, maar de Minister had geene gegevens verstrekt over de kosten, welke inzonderheid bij de bestaande ongunstige financieele omstandigheden zeer zwaar wogen. Op Java werkte de bestuurshervorming goed en ook elders zou zij bij behoorlijke uitvoering naar sprekers overtuiging goed werken, maar de zaak was niet dwingend ').

Spreker verheugde zich er in, dat de Minister had ingestemd met de wenschen van zijn politieken partijgenoot in de Tweede Kamer den Heer Knottenbelt en begaf zich ten slotte in een uitvoerige recriminatie van eene weinig doordachte uitlating, waartoe het Hoofd van het Bureau der Bestuurshervorming in Indië zich met betrekking tot de actie van evengenoemd Kamerlid bij een interview zou hebben laten verleiden.

Het Christelijk-Historisch lid Jhr. Mr. de Savornin Lohman nam een juist standpunt in ten aanzien van de quaestie, welke beteekenis het gevraagde votum zou hebben, door zich aan te slui-

i) Van het begin af was het de Regeering geweest, die de financieele mogelijkheid op den voorgrond had gesteld. Dit voorbehoud sprak trouwens van zelf. Het lag echter evenzeer voor de hand, dat een eenigszins nauwkeurige raming der kosten — eene globale raming was reeds in 1920 bij de Memorie van Toelichting der toenmalige voorstellen gegeven — eerst dan mogelijk was, wanneer de plannen in bijzonderheden konden worden uitgewerkt, m.a.w. nadat de door de Staten-Generaal zelve in 1930 verlangde raadpleging over de algemeene richtlijnen had plaats gevonden. Ook lag het voor de hand, dat men in Indië zich weinig geneigd gevoelde dien omvangrijken arbeid te ondernemen met het gevaar vóór zich, dat bij de eindbeslissing in Nederland een meerderheid in Tweede of Eerste Kamer zich van de zaak zou afmaken op grond van niet-vervulling van de in genoemd jaar gestelde voorwaarde.

Sluiten