Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ELFDE H00FDS1UK

ACTUEELE STAND VAN ZAKEN

De toestand van het oogenblik, na hetgeen tijdens en na de hiervóór geschetste gebeurtenissen op staatkundig en administratief gebied zich heeft voorgedaan met betrekking tot het vraagstuk der hervorming van het Indisch bestuurswezen, laat, meer in het bijzonder ook ten aanzien van de Buitengewesten, zich weergeven in de volgende aanteekeningen, welke in eenigszins verkorten vorm zijn ontleend aan hetgeen ter zake in 1938 bij een dagbladinterview is medegedeeld door het Lid van den Raad van Nederlandsch-Indië Dr. F. H. Visman, bij wien als zoodanig en te voren als Regeeringscommissaris voor die hervorming onder de bevelen van den Landvoogd de algemeene leiding der verdere uitvoering had berust.

„Wijlen Professor Van Vollenhoven" — aldus had luidens het van dat onderhoud openbaar gemaakt verslag dat Raadslid zich uitgesproken — „kwam eens tot de vernietigende conclusie, dat onder al de groote veranderingen, welke in de periode 18551915 de Indische Staatsinstellingen hebben ondergaan, er geen is, die te danken was aan een groote Indische reorganisatie. Deze waren alle fout of op niets uitgeloopen". „Geen wonder" — zoo had die hoogleeraar in zijne van laatstgenoemd jaar dagteekenende beschouwing aan de vorenstaande woorden toegevoegd — „dat voor eenige jaren een cynisch man heeft gezegd: wanneer ten aanzien van Indië iets wordt voorgesteld waar ge tegen zijt, wees dan niet zoo dom het te gaan bestrijden, maak er het middelpunt van een groote organisatie van".

Waar de Heer Van Vollenhoven als laatste nummer op het lijstje van voorbeelden, die hem voor oogen stonden, genoemd had: „1911, reorganisatie van het bestuurswezen", heeft de uitkomst zijne, overigens niet geheel misplaatste, bespiegeling niet

Sluiten