Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ONTSTAAN VAN HET GEMEENTEBEDRIJF

Het bezwaar van de stroefheid van het beheer is wellicht niet geheel te ondervangen en het is van belang dit in het oog te houden bij het bepalen van een grens voor de gemeentelijke eigen exploitatie. In de volgende paragraaf wordt dit punt behandeld.

Ontwikkeling De ontwikkeling in de practijk is met deze conclusie in overpractijk. eenstemming geweest. Hierboven vermeldde ik reeds, hoe de gemeente Amsterdam nog in de vorige eeuw aan de door haar verleende concessies een einde heeft gemaakt en zelf het beheer der openbare nutsbedrijven ter hand heeft genomen. Aan de overneming in gemeentelijk beheer is de naam van Mr. M. W. F. Treub, destijds wethouder van Amsterdam, terecht verbonden. Doch zooals P. L. Tak in De Kroniek, van 18 Juni 1899 opmerkte, „de kwaliteiten, die Treub tot zijn invloedrijke positie brachten waren voortreffelijk berekend tot bespoediging van de overneming; maar tot de eigen exploitatie zelve zou de Raad ook zonder hem door de feiten zijn gedreven".*)

Van den overgang van het concessiestelsel naar het gemeentelijk beheer noemde ik in hoofdstuk 1 de gasfabrieken als voorbeeld. Hier geef ik een aantal cijfers nopens den bedrijfsvorm van gasfabrieken, waterleidingen en electriciteitsbedrijven, waaruit de ontwikkeling duidelijk spreekt. Deze ontleen ik aan het boek van Gerritsz, dat gegevens tot omstreeks 1908 bevat, en voor den tegenwoordigen toestand aan eenige statistieken.

Gasfabrieken■ Volgens het overzicht van Gerritsz 2) waren in 1907 van 131 gasfabrieken 108 in gemeentelijk beheer en 23 in handen van concessionarissen. Van de 108 werden aanvankelijk 75 door concessionarissen beheerd en van deze hadden de gemeenten de exploitatie dus overgenomen.

De gasstatistiek 1936 3) vermeldt, dat van 160 gasfabrieken 139 door gemeenten en 21 door particulieren werden geëxploiteerd. Waterleidingen. Blijkens de overzichten van Gerritsz 4) werden

*) Geciteerd bij Gerritsz, t.a. p. blz. 514.

2) T. a. P. blz. 522—526.

3) Statistiek overzicht der bedrijfscijfers 1936, uitgegeven door de Vereeniging van Gasfabrikanten in Nederland.

4) T. a. p. blz. 557, 558.

Sluiten