Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET GEMEENTELIJK GRONDBEDRIJF

breken deze of zijn zij niet toereikend, in eenige jaren (meestal vijf) uit den gewonen dienst der gemeente moeten worden gedekt.

Bovendien verbieden de verordeningen veelal om daarna opnieuw rente bij te schrijven. Strikt genomen is dit niet noodzakelijk.

Mits de taxatiewaarde een contante waarde is, mag worden aangenomen, dat deze van jaar tot jaar met de rente (of het nadeelig saldo der lasten en baten) zal stijgen. Een boekwaarde, die tot het niveau van de taxatiewaarde is verminderdx), zou daarom in dezelfde mate jaarlijks hooger kunnen worden gesteld. Wordt de rentebijschrijving toch nagelaten, dan is dit een voorzichtigheidsmaatregel 2). De taxatie-uitslag toonde, dat de waardeverwachtingen bij het bedrijf te optimistisch waren. De boekwaarde wordt nu gecorrigeerd en bovendien heerscht nu tot de volgende taxatie mplaats van optimisme een zeker pessimisme.

Het taxatiestelsel vindt geen onverdeelde bewondering 3). In Bezwaren handen van eenige buitenstaanders legt het een beslissing, die de Sef gemeentelijke financiën in de eerstkomende jaren zwaar kan belasten. Iedere schatting is subjectief, van persoonlijk inzicht afhankelijk. De waarde van bouwgronden ondervindt den invloed van de conjunctuur. Wordt in een depressieperiode getaxeerd, dan zal de schatting waarschijnlijk ongunstig uitvallen. Indien de conjunctuur na 5 jaar is gekeerd, zal de volgende taxatie wellicht uitwijzen,

dat de vorige te pessimistisch was. Inmiddels was de gemeente in een tijdvak, waarin haar financiën een extra-last het slechtst verdroegen, verplicht tot aanzuivering van een taxatieverschil en tot het betalen uit haar gewonen dienst van de leeningsrente.

Zoolang een grondbedrijf is opgezet met het stelsel van rentebijschrijving, zal het de periodieke taxaties met de daaraan verbonden financieele gevolgen niet kunnen ontberen. Aldus besliste

*) Dat de boekwaarde in de boekhouding wordt gehandhaafd, doet niet ter zake. Onder „boekwaarde versta ik hier de tot de taxatiewaarde verminderde boekwaarde of de onveranderde boekwaarde verminderd met het in het credit der balans gestelde nadeelig taxatieverschil.

) Zie als een voorbeeld van de beide standpunten de meeningen van een meerderheid 1 au "uTi aó \ Van en van A"cmaar 'n een praeadvies aan den Raad. (W. G. B.

I 7blZ.

, 3),Zie.,°- aJ d? "tilf1lerl,!an I®xtor in het Maandblad voor Accountancy en Bedrijfshuishoudkunde, 1935, blz. 74 en 90, en Van Dienst in W. N. B. G. A. no. 1908.

Sluiten