Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

's Zomers ging je daar wel heen met Oma en Jetje en andere vriendinnen in een rijtuig en het leukste was de groote lindeboom, waarin je met een trap naar boven klimmen kon. Een tafeltje en stoelen stonden in de kruin. Je kon er thee drinken. De groene takken wuifden om je heen. Het was net als in een sprookje. Eigenlijk zou je er alleen moeten zijn, had Stance altijd gedacht en niemand dan jij zou van dit wereldje in het binnenste der boomkruin moeten weten. Je zou met de wiegende takken meedeinen en droomen, dat je in het hart van de wereld sliep. Maar Jetje en de anderen praatten altijd zooveel en deden angstig over torretjes en rupsen. Nu kon je het toch wel droomen, 's avonds in bed als je je oogen stijf dicht deed. Soms werd je dan opgenomen . . . meegenomen.... door het wiegende, groene deinen en de geur van lindebloesem omving je, sterk en zoet. Maar het wou lang niet altijd komen.

Terwijl je nu mijmerend voor het dakvenster stond, was het weer over je heen gevloeid, het overweldigende . . . vlijmend en zoet.... van zomergroen en lindebloesemgeur alom.

Maar dan schoof de herfst weer voor den zomerdroom; de rustelooze wind, de grauwe hemel met zijn stormende wolkgevaarten, de hoogopgaande, zwiepende boomen van De Worp met nog maar zoo weinig gele bladeren en dan.... weer een opdoemende herinnering zomeravond .... je ging naar het concert in de buitensociëteit met Papa en de familie De Bie en Jetje. De

Sluiten