Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet verder gaat.... nimmer trekt naar een lichtend Parijs .... naar een liefde, die fel en zondig zou zijn . . , nimmer naar den horizon met de blauwe bosschen. Hoe vreemd !

Plotseling doet het haar aan kippen denken, die altijd weer gulzig pikken van het altijd eender voer. Het is, of ze de houtskoolstift van oom Emile hanteert. En ergens in haar is het blank papier gespannen. En ze teekent vlot en moeiteloos, met een haar geheel vreemden en luchtigen zwier, de eene kip na de andere.

Oma .... een kleine, oude, haaiige zwarte met een gehavenden staart. En Jetje .... wit en gaaf en kordaat met iets wiegelends toch al, iets overdadigs. En Jetjes moeder, mevrouw de Bie . . . . een gemeste kip, blank en vet. En Dieka, .... grauw en onaanzienlijk, altijd loerend op de verre korrels, die de anderen ontgaan. En zoovelen .... pikkende kippen .... en rrrrrrr .... de harde val van de korrels en altijd weer hetzelfde gulzige begeeren. En nooit een verlangen hier overheen.

Stance' oogen zoeken Papa. Nadat ze het zelfportret van oom Emile „ontdekt" heeft.... nadat het voor

haar deze brandende interesse heeft gekregen

zoekt ze telkens in Papa's gezicht de trekken van den jongeren broer. De gezichten lijken op elkaar. Het zijn typische Marensgezichten alle twee. Het smalle ovaal, de wisselend getinte oogen onder zware leden, de hooghartigheid. Maar Papa's mond is niet te zien onder een zwarten baard en snor. En ondanks de overeenkomst in

Sluiten