Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Jetje komt binnen met nicht Line. Madame Duval werpt een snellen blik langs haar japonnen. Er mankeert niets aan, behalve dat nicht Line zoo stokkerig, onelegant mager is, dat elke japon als een zak om haar heen valt.

— Nicht Caroline is 29 —, heeft Oma gezegd. — Het is beter haar te vragen dan een van de jongere nichtjes. Misschien is het voor haar nog een kans. —

Nog een kans .... als Stance nu nicht Line ziet, moet ze altijd aan deze woorden denken. Nog een kans .... wat afschuwelijke woorden worden er toch zoo maar achteloos gezegd.

— Nog een kans .... als we eens ruilden —, flitst het door haar heen. — Als ik haar eens vroeg, of zij de bruid wou zijn. Mij kan het immers toch niets schelen. Nu ja, dat is maar een dwaze gedachte natuurlijk. Zooiets kan niet. —

En toch, maakt deze gedachte niet haar heele huwelijk onwaar? Wat trouwt er nu eigenlijk met Gerard Berkhof? Een satijnen japon met een sleep als maanlicht in een winternacht, een kanten sluier — het familiestuk, door vele bruiden voor haar al reeds gedragen — en daarin .... niets .... een ding .... een pop.

Waar ben ik toch? denkt ze. Het is toch noodig, dat ik er bij ben, als ik trouw?

Het is hetzelfde angstige gevoel, dat je in droomen wel bevangen kan, dat iets .... het een of ander .... dringend ingrijpen noodig maakt.... want dat anders .... Je weet nooit, wat anders .... alleen dat het

Sluiten