Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in granen, Gerards Berkhofs vriend en getuige en Jetjes tafelheer tijdens het dejeuner, deed zoo onstuimig verliefd, dat je ieder oogenblik verwachtte, dat hij met een aanzoek zou komen. Het was begrijpelijk, dat een dusdanige spanning ontlading zocht in een huilbui. De Hovinghs waren een heel goede familie en rijk en Willem Hovingh zou een prachtige partij zijn voor Jetje de Bie, wier vader toch maar wiskundeleeraar aan de Hoogere Burgerschool was.

Ineens is het Jetje nu, die dringt tot meer spoed. Met nerveuze vingers haakt ze Stance' japon van achteren dicht.

Lang en ouder dan anders lijkt Stance in haar donkergroen reistoilet. Voor den spiegel zet ze het nieuwe, donkergroene hoedje met de afhangende struisveer op haar zware vlechten. Het geeft haar iets mondains en wereldsch, dat Jetje zeer imponeert.

Ze is mooi, denkt Jetje. Mooier dan ik. Nee, ik ben mooier. Ze is raar.

Raar. Jetje weet geen ander woord, om het disharmonische uit te drukken tusschen het modieuze, coquette hoedje en de deelnaamlooze, afwezige oogen, die zelfs dat allerbelangrijkste ter wereld .... het eigen spiegelbeeld .... zonder interesse schijnen te bezien.

Sluiten