Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

krijgen. Ze kan alleen maar dezen smartelijken mond doen glimlachen.

Als kringen in het water, zoo verwijden zich je gedachten. Wijder worden ze ... . en vager. Ze vloeien uit. Ze vervloeien met het al. Ze zijn niet meer iets afzonderlijks. Nog is er de sensatie van goedheid en weg zijn. Ze wijlt nog als een glimlach in den slaap. Dan verdwijnt ook dit. Er is een moment van ledigheid. Er is niets in je, een ondeelbaar kort oogenblik. En dan stort zich in dit ledig het andere .... het losgelatene.

Het is er weer : de zonnevlek, die heen en weer springt op het behang .... de kamer .... het huis .... de gewasschen lucht van een Aprildag. De vreemde, vervaarlijke woorden .... een moeder .... een kind ....

Jij, die in je het kind draagt en toch geen moeder kunt zijn .... Het is er weer : de half afgeruimde ontbijttafel, het zeepsop .... nu koud en groezelig geworden, de gewasschen kopjes en bordjes.

De hooge weg, het lage huis, dit donker leven, het onderaardsche. . . . het is er nog altijd.

Wie zegt, dat het niet meer is dan een duistere droom ?

Maar er is het kind .... en het leeft.

Hoe kan dat dan?

In het stervormig perk worden bloemen gepoot. De omgespitte aarde is op de snede blauwglanzend en glad als gepolijst metaal. Met zijn hark probeert het oude

De Blauwe Horizon 7

Sluiten