Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rijden. Het is de ineenstorting, het over je heen vallen van het zwarte. Nu knippert ze tegen het volle zomerlicht, als ze vanonder de boomen op het grasveldje treedt, waar alleen enkele verspreide vruchtboomen groeien, die te oud zijn, om nog vruchten te dragen. Ze loopt voorzichtig door tot aan het water. Dit kleine grasveld is een afzonderlijke wereld van zoemende bedrijvigheid. Bezige bijen en muggen en hommels en schril-hoog krekelgepiep. Tusschen het gras kleuren blauwe plekken van eereprijs. Twee rosbruine vlindertjes fladderen spelend van bloem tot bloem.

Ze heeft het gevoel opgestegen te zijn uit het diepe groen naar het hooge licht. Als je hier nu blijven kon Eensklaps moet ze denken aan de kleine zeemeermin, die leefde in het paleis van haar vader, den zeekoning, op den bodem van den oceaan en die zoozeer verlangde op te stijgen.

— Nu vaartwel dan, sprak zij eindelijk, en steeg toen even helder en gemakkelijk als een luchtbel uit het diepe water naar omhoog. —

Ze heeft het verhaal zoo vaak gelezen vroeger, dat ze er heele zinnen uit van buiten kent. Ze heeft het gespeeld ook. Het kantoor van papa was de bodem van den oceaan en onder het bureau maakte ze een tuintje van vloeipapier en kralen en een schelp.

Als ze hier nu blijven kon, waar het zoo zonnig zomersch is ... .

Maar ze kan niet blijven. Ze moet verder gaan tot

Sluiten