Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK 10.

Nu is Johanna gekomen, 's Namiddags zit ze met Stance in den salon. Als er geen bezoek is, neemt ze haar stopmand mee. Ze zet een stoel vlak bij het raam en verstoort zelfs de symmetrie van de gordijnen om het laatste licht te vangen. Stance ziet haar bedrijvigheid aan met een pure verwondering, die op geen enkele manier meer tracht te begrijpen.

Johanna doet haar stopnaald op en neer gaan door jongenskousen en door mannensokken. Als ze een paar af heeft, rolt ze ze ineen, resoluut, geroutineerd en demonstratief. Het kan iemand niet ontgaan, als Johanna weer met een paar sokken heeft afgerekend.

— Zoo —, zegt ze dan, — dat is dat — en legt het opgerolde paar naast zich neer.

Dat is dat en dat is dat en dat is dan ook dat. Zoo is het leven eenvoudig.

Johanna heeft een nieuw achterstuk gezet in Freeks grijzen schoolbroek. Een rond stuk van een beetje ander grijs dan de broek zelf. Je kunt het goed zien. Het is bijzonder keurig genaaid. Zulke dingen kun je doen en als je ze gedaan hebt kun je zeggen :

— Ziezoo, dat is dat. — Zoo schuifje het leven door van dat naar dat en nooit is er een verte.

Het blijft ver weg van Stance. Een beetje raar is het,

Sluiten