Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat op de maat van Johanna's roffel aanmarcheert en rameit tegen haar droom.

Voorwaarts.... marsch! maar het kleine, schrille luitenantje, dat op het kazerneplein de soldaten drilde, zei altijd : voorwaarts .... miersch ! — Dat klonk nog snerpender. Ook Johanna's commando's hebben zooiets snerpends.

Kleumsch in haar hoekje bij de kachel gedoken balt Stance zich om haar blauwen droom.

Zeer dicht aaneen zijn liefde en dood .... droom en dood .... genaderd. Er is geen plaats voor leven meer daartusschen .... geen plaats voor het leven, dat op Johanna's roffel aanmarcheert.

Nog slechts een glimlach scheidt droom en dood

een ragdunne, teedere, weemoedige glimlach.

* *

*

Maar in de zolderkamer is het wel goed. Er staan koffers en wat afgedankte meubelen .... ook een krakende rieten stoel. Het ruikt er naar de appels, die hier 's winters bewaard worden. Nu zijn er nog maar enkele gerimpelde over.

Op gure dagen vraagt Stance aan Antje, die haar wel vriendelijk genegen is, een warme stoof.

— Zoo mevrouw. Lekker warm is ie. —

— Dank je Ant. —

Dan glipt ze de trappen op, steels, schichtig, hopend

Sluiten