Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kleine, warme vogel. In je droom had je de booze vijandigheid van het leven kunnen vergeten. Nu, wakend in het leven, wist je deze vijandigheid altijd. Het leven was koel en verraderlijk. Je moest er bang voor zijn. Ergens was het booze oog. Het loerde op je. Het had geen haast, want het wist. Je kon hier nu wel rustig zitten in de groene omslotenheid van den machtigen zomer. Je kon wel bijna denken, dat het een goede droom was, die het kind en jou had opgenomen. Je vergat toch nooit het booze oog, dat loerde en zoo kil-geduldig wachtte, omdat het wist.

En het kind durfde je niet alleen laten.

* *

*

Soms ging ze uren lang met het kind in den wagen over de donkere, altijd even glibberig-vochtige paden van den tuin. Zwaar hingen op deze heete zomerdagen de groene takken van de boomen over haar neer.

Het kind schreide zelden meer na de eerste dagen van klaaglijke onwennigheid. Het sliep ook niet zooveel als andere kinderen, dacht Stance. Dikwijls lag het met de donkere, wolkige oogen, waar een nacht van onbewustheid over heen te drijven scheen, wijd open. Het was in niets uitbundig. Het groeide niet hevig, het dronk niet hevig, het schreide niet hevig, het leefde niet hevig .... maar het stierf ook niet. Alsof ook sterven een te veel geweest zou zijn.

Het kind het meisje Constance Emilie. Ze

Sluiten