Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maria

Vanavond als de deur Gesloten is en niemand storen kan...

(Johannes is opgestaan en beschouwt aandachtig een vaas. Hij spreekt in zichzelf).

Johannes

Dit is....

Maria

Wat ziet gij aan die vaas?

Johannes

’t Is een gelijkenis,

Als Hij vaak sprak. Hier is in deze vaas een scheur. Die nam haar waarde weg.... ineens....

Maria

Maar niet voor mij.

Johannes

Zo was eens mijn geloof onzegbaar rijk en teer.... Toen Hij mij wegriep van het Galilese meer

En mij tot volgen drong En op de berg, waar Hij

De diepe zin der wet ontvouwde naar de geest

En overal, waar eens zijn wond’re liefdemacht

In duist’re harten weer het licht des levens bracht....

Ook in Jeruzalem, waarheen ik onbevreesd

Met Hem ging tot de strijd.... Op Golgotha, bij ’t kruis,

Waar Hij voor beulen zelfs vergeving bidden wou....

Waar een verloren zoon, verzinkend in berouw,

Door Hem gered werd voor zijn Hemels Vadershuis. Maar toen, zo onverwacht... ineens.... die nacht, zo dicht Om Hem, dat niemand peilen kan hoe ver, hoe diep De Christus wegzonk, die vergeefs den Vader riep. Nu dool ik in die nacht en ik zie nergens licht.

Sluiten