Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zij vraagt niet: zijt gij boos? Zij vraagt niet: zijt gij goed? Zij geeft haar warmte en licht totdat de avond daalt. En wordt haar glans omhuld door ’t duister van de

nacht,

Of wordt zij door een wolk onttrokken aan mijn oog, Of sluiten nevelen haar wereld af omhoog,

Ik weet, dat zij er is en dat haar heil mij wacht.

Johannes Maar Christus?

Thomas

’k Zie het schoon, dat elke lelie biedt. Geen die er spint of weeft. Toch is geen vorst in staat. Zelfs niet een Salomo — te dragen een gewaad,

Als ’t kleed, waarvan de Schepper deze bloem voorziet. Ik zie de vogel, die niet zaait of maait... gevoed.

Ik zie des Scheppers zorg, dat elk zijn voedsel vindt. Geloof des Heilands woord: zou God dan niet zijn kind De spijze geven voor het hongerend gemoed?

Johannes (met nadruk)

Maar wat van Hem?

Thomas

Een liefde, sterker dan de dood. Wondtekenen van ’t kruis in Christus hand gedrukt. Daar is een zekerheid, die niemand mij ontrukt.

’t Is alles werk’lijkheid, die God voor mij ontsloot.

Johannes

Maar werk’lijkheid was ook dat, wat ik heb gehoord: De klacht van Christus, die door God verlaten streed. Dat éne, wat ik niet geloven kan.

Sluiten