Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verfraaiingen en gemakken. Men wilde niet meer in het slijk loopen, maar op welgehouwen keien, men vroeg om kunstig gesmede hekken aan de stoepen, om krullen en figuren in het houtwerk van de gevels, men zond naar verre oorden om fijnschilders voor wand en zoldering, om schrijnwerkers voor weelderig huisraad, om kristalsnijders, ivoordraaiers, passementwerkers, juweliers, om al dezulken die de behoefte aan weelde konden voldoen. En die waren toen zeldzaam.

Deze ambachten, moeilijker te leeren dan de alledaagsche, omdat zij meer verstand vereischten, trokken Moeijens bijzonder aan en daarom begreep hij ze vlugger dan anderen.

Nog voor er eenig geluid in de stad te hooren was placht hij op te staan, hij ging de hooge trap af op zijn kousen om zijn moeder niet wakker te maken. Wanneer de treden kraakten hoorde zij het, stapte uit bed en riep hem van boven toe dat hij thuis moest blijven om zijn werk af te maken. Maar dan sprong hij de laatste treden af. Hij kende de winkels waar men vroeg met het werk begon en wachtte tot de luiken af genomen werden en de gezellen voor hun banken gingen staan. Hij vroeg of hij kijken mocht bij het

Sluiten