Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE VERZAMELAAR

Toen KRONOS bij wijze van genade de onderwereld mocht verlaten en zich vestigen op een der gelukzalige eilanden van den Westelijken oceaan verveelde hem, die in zijn jeugd ontzaglijke daden had verricht, al spoedig de tijd, gelijkmatig van zon en zang en nimmer verstoorden vrede. Hij moest zich schikken in de eentonigheid der tuinen met gouden appelen, hij moest berusten omdat hij een der oudste schepselen was en bovendien onttroond. Gelijk men vaak ziet bij bejaarden wier levenskracht nog niet taant, zocht hij een vervulling voor de ledigheid en op een kalmen morgen aan het zeestrand staande, kreeg hij den inval te luisteren naar den aether. Tot zijn verbazing hoorde hij een chaos van geluiden, hij spande zich in om ze te onderscheiden, tot het hem na eenige oefening gelukte menschelijke stemmen te verstaan, sommige helder en sommige zeer vaag, andere hard geschreeuwd en andere zacht ge-

Sluiten