Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

46. Stiemer schiet niet op

Het lijkt me toch maar het beste om die apen te bevrijden, zei Stiemer nu, want ik heb op mijn tocht niet veel succes gehad. Men kon niet dwars door het koraalwoud heen in de Bocht komen en bovendien zijn de Boeglanders ook al aangekomen en wij moeten zien hen voor te zijn. Het beste is, dat ik morgen toch maar met mijn bootje naar de Kraalbocht ga, al is dat gevaarlijk, daar zal proberen Stalma te zien' en haar beduiden, dat zij zich niet door de Boeglanders moet laten vangen, want dat ik kom en dat wij haar zullen bevrijden. Jullie moet dan morgen met zijn allen die reuzenmosselen op het strand halen. Als ik dan 's avonds terugkom, kunnen we die mosselen openmaken en dan kan Pietro ons de weg wijzen naar de Kraalbocht, over het koraalwoud heen en dan kunnen we verder plannen maken, hoe we met zijn allen Stalma van Grommeldor en de Boeglanders weg kunnen halen.

Wat meneer hier zegt, is zeer juistl zeide de secretarisvogel. Morgen

gaan we dus die mosselen vangen. Dan zullen we ze hier op het strand halen. Het is ellendig, dat die neushoorn nu juist weer zijn poot verzwikt heeft, want hij is de enige, die geschikt is om de reuzenmosselen open te peuteren. Maar daar zit niets anders op. Misschien kunnen de olifanten dit keer eens iets doen?! Maar de olifanten zeiden, dat ze gaarne van de partij zouden zijn, als het ging om het omtrekken van bomen, maar met reuzenmosselen hielden ze zich niet bezig, want er was er al eens een met zijn slurf tussen een mossel geraakt en dat was een even vernederende als pijnlijke positie geweest. De dieren wisten dus werkelijk niet goed, wat aan te vangen. Maar zij verloren nooit hun opgewektheid en de beer zei tegen Stiemer, dat alles prachtig in orde zou komen. Daarop stelden de dieren zich een beetje verlegen in een lange rij op en ze defileerden toen langs Stiemer het land in een iedereen zei bij het passeren van den duiker: dag meneer, het komt allemaal prachtig in orde met die snertmossels. En de neushoorn, die helemaal achteraan hinkte, zei met tranen in zijn ogen: het spijt me zeer, het spijt me zeer, het spijt me zeer, al maar door ....

Sluiten