Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ELS NEEMT DE LEIDING

„We kunnen hier wel uitstappen, chauffeur,” zei meneer Verschoor.

„Wel nee, meneer, hij trekt ’t ’r wel door.”

De wagen reed langzaam over het hobbelige karrenspoor en nu liet meneer Verschoor stoppen.

Mevrouw Verschoor liep op een holletje naar de voordeur, om open te doen en bijna viel ze over een grote doos, die op de stoep stond, vlak voor de deur. Eerst deed ze de voordeur open en toen draaide ze het buiten-» licht aan. De chauffeur sleepte de koffers aan en meneer Verschoor rekende met hem af.

Terwijl de wagen gonzend wegreed, kreeg Els de doos in de gaten, die nog steeds op de stoep stond.

'„Wat is dat, Moeder?”

„Ik weet ’t niet. Kijk maar es, kind.”

Vader Verschoor liep, nog met zijn overjas aan, naar de grote kachel in de huiskamer. Het was net, of hij helemaal niet weg was geweest. Hij porde er even in en rakelde het vuur op.

Els zette de doos op tafel en nam het deksel er af. Ze zag een grote taart en met letters van suiker stond er op geschreven:

„Hartelijk welkom in Greenbergen!”

Er lag een klein briefje bij voor Els. De taart was een cadeau van Willie Brinkman en Joop Hondius, Els’ beste vriendinnen.

Er werd thee gezet en Tini dekte de tafel. Ze was daar •anders niet zo makkelijk voor te vinden, maar nu wilde ze alles wel doen. Ze was zó gelukkig, dat vader er weer was.,

Toen zaten ze om de gezellig-gedekte tafel, de kachel snorde, er was een lekker schoteltje en meneer Verschoor wreef zich in z’n handen en zei:

„Oost, West, maar thuis is het toch maar het best! Els,

Sluiten