Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ELS NEEMT DE LEIDING

maal... kwam er zo’n engerd met ein... kapchen ..

„En toen?” vroeg Joop ademloos.

„lek meende te verstikken... en daar was ik wee.”

„Wat?” ë

„Gans bewusteloos. En daar weet ik niets meer! En daar heb iek getraumt... iek viel naar unten ... und dan war ich unten... en daar was ik hier... hier... in diesem Bett.”

„Dus je hebt helemaal niets van de operatie gemerkt Kathe?”

„Niets. lek heb het niet geloven willen... maar toen voelde ik een verband en daar was ’t. Und jetzt freue iek mich so.”

„Waarom ben je zo blij?” vroeg Els.

„Na, ist doch klar! Jetzt bin ich ihn los, die blinddarm... dat kan niet meer passieren. Maar ’t was eng.”

En toen moest Kathe precies weten, hoe het nu in het pension ging, maar Els stelde haar volkomen gerust.

„Je moet vooral je moeder danken,” zei Kathe nog. „Ze is zo lief voor mich geweest en zo treu. Als wie meine eigne mutter.”

„Zullen we naar je ouders schrijven in Duitsland?” vroeg Els.

„Neen, neen, dan verschrikken zij. Ik schrijf wel zelf; over een paar dagen, heeft de zuster gezegd. Wenn iek zelve schreibe, verschrikken zij niet.”

Het strenge gezicht van de zuster keek om de hoek en Kathe bedankte nog eens voor de bloemen en toch vooral de groeten aan mevrouw en meneer en toch vooral nog mevrouw bedanken en of Els morgen toch alsjeblieft weer kwam, en nog veel meer... maar dat hoorde Els niet, want toen had de zuster haar al op de gang geduwd.

In de hal kwamen de meisjes dokter Koremans tegen.

„Dag Els. ’k Ga nog eens even naar de patiënte kijken.

Sluiten