Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ELS NEEMT DE LEIDING

slim genoeg zijn, om voorlopig niet thuis te komen. Ze wist, dat er veel te doen was, maar ze had nog niet genoeg verantwoordelijkheidsgevoel, om vroeg thuis te komen. Els vond het niet erg. Verantwoordelijkheidsgevoel kon je bij een meisje van die leeftijd ook nog niet verwachten.

Om even voor vijf verdween Wil. Het speet haar, dat ze gaan moest, maar het kon niet anders. Ze had nu eenmaal beloofd, om tijdig thuis te zijn. Els was zenuwachtig, maar ze zette haar tanden op elkaar en probeerde, aan alles te denken. Om zes uur was het eten klaar. De soep was niet te zout en niet te flauw, de aardappels kookten, de spinazie stoofde, de schaaltjes sla stonden gereed, met schijfjes tomaat er op en schijfjes ei, de puddinkjes waren bijna geheel, koud en het vlees zag er goed uit. Ze snapte het zelf niet, dat het haar allemaal zo goed gelukt was, maar ze had in de laatste maanden van moeder heel wat geleerd en biefstuk-bakken is geen heksentoer.

De familie de Kooi zat al aan tafel te wachten. Juist gingen de Landsma’s het eetzaaltje binnen, toen Els een wagen zag naderen op de oprijlaan.

„Gaat u alstublieft, Vader,” zei ze. „Ik kan nu niet.”

De heer Verschoor nam de honneurs waar. Een heer van middelbare leeftijd en een deftige dame stapten uit en ze vroegen, of er in het pension een kamer vrij was. Ze hadden de advertentie van „de Zonnewijzer” in de Haagse Post gezien en ze probeerden het maar eens.

„Als u niets vrij hebt, gaan we natuurlek weer verder,” zei meneer. „Mijn naam is Huges, wij komen uit Den Haag. We zouden een dag of drie, vier willen blijven, misschien iets langer, als het ons bevalt.”

Vader Verschoor liet de nieuwe gasten even in de hall wachten en hij vroeg Els, of er eten genoeg was voor twee mensen meer.

„O ja, Vader, neemt u ze maar. Ze kunnen de zijkamer

i *

Sluiten