Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ELS NEEMT DE LEIDING

Huges: neen, u vergist u, mevrouw, dit is de kellnerin uit „de Zonnewijzer.”

Els schoot in de lach. „Als je moeder zegt, dat jij haar dochter bent, zal hij daar wel niet aan twijfelen. Weet je wat? Vraag, of je vannacht bij ons mag blijven logeren.”

„O ja.” Joops gezicht verhelderde. „Ik ga dadelijk telefoneren.”

Joop sloot eerst zorgvuldig de deur van het eetzaaltje en belde toen haar moeder op. Els stond er bij.

„Hallo... Moeder, met Joop. Ja... neen... ja ... Moeder, mag ik vannacht bij Els blijven logeren?... Wat? Hè, neen... toe nou... hè Moeder, toe nou... neen, ik krjjg wel een nachtpon van Els. Jawel... hè, toe nou... toe nou, Moeder... hè Moeder.. .• Wat? Hè, neen... toe nou, Moeder... nou dan niet. Dag Moeder.”

„Ze wil niet. Ik hang,” zei Joop kortaf. „Wat nou?”

Els haalde haar schouders op. „Dat weet ik ook niet. Ja... je zou nu dadelijk met dien meneer Huges moeten gaan praten en met mevrouw. En dan vragen, of ze ’t niet willen zeggen.”

„Durf ik niet,” antwoordde Joop. „Mij beloven ze ’t en ze zeggen ’t natuurlek toch. Die man is een listigling. ’k Vertrouw dien man voor geen cent. Neen, dat gaat niet. Maar k weet wel wat. Ik ga zo laat mogelijk naar huis en ik ren door de gang; ik vlieg de trap op en ik spring in m n bed en ik zeg, dat ik doodziek ben. Veertig koorts. Moeten ze die brave Koremans maar halen. Die vertel ik alles. Hm... kost m’n vader een doktersvisite. Kan me niks schelen. Eigen schuld! Moeten ze me maar hier laten logeren vannacht. Goeie help... die Kooi is natuurlijk allang weer klaar, ’k Moet naar binnen.”

„Jopie, alsjeblieft, hou je rustig in de eetkamer. Je staat te kakelen als een kip.”

„’k Ben zenuwachtig, ’k Ben uit m’n doen. ’k Ben over

Sluiten