Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ELS NEEMT DE LEIDING

paar leunstoelen voor het clubhuis en mevrouw Hondius zei:

„Laten jullie je alsjeblieft niet storen, hoor. Jullie doen maar, of wij er niet zijn.”

„Nou, je hebt het gehoord, Joop,” grinnikte Wim. „Ga

je gang maar weer. Je moet net doen, of je ouders er niet zijn.”

„’k Wacht liever tot ze weg zijn,” bromde Joop.

.Na een minuut of tien stapten meneer en mevrouw Hondius op. Eerst kreeg Joop nog iets te horen van haar moeder. Ze mocht niet te lang meer bljjven, ze moest zich rus, g erï behoorlijk gedragen en ze moest er steeds aan denKen, dat ze nu een jongedame was!

Toen de lichten van de auto in de verte verdwenen, greep Joop, Wim en Mieltje bij de arm en ze zong uit volle

„En we gaan nog niet naar huis, nog lang niet, nog

lang niet. En we gaan nog niet naar huis, want moeder is niet thuis.”

De stemming kwam er in. Er werd gedanst, gezongen en gelachen en Joop raakte geheel door het dolle heen. Ze was hevig teleurgesteld, toen de heer en mevrouw van

Doorn om half twaalf kwamen vertellen, dat het nu mooi was geweest.

. Mieltje Heimans zorgde voor een taxi en nadat de meisjes hartelijk afscheid hadden genomen, stapten ze in. Joop was niet meer te houden. Haar kanten mutsje zat in haar zak en ze pakte de pet van den chauffeur en ging naast hem zitten.

„Jopie,” siste Els, „hou op. Nu moet het uit zijn!”

„Toe Joop, schei nu alsjeblieft uit,” zei Wil. „Alstublieft,” zei Joop en ze gaf de pet terug. „Ik mag niet meer van m’n moeder.”

Op het kampeerterrein heerste diepe duisternis. Geluk-

Sluiten