Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ELS NEEMT DE LEIDING

Tini en Els speurden nog een hele tijd in de kamer van juffrouw van der Blonk, maar de ring vonden ze niet. Kathe en Marie waren nu ook op de hoogte van de verdwijning. En toen Marie de kamer binnenkwam, om het bed op te maken, keek ze de twee meisjes zo onbevangen en eerlijk aan, dat Els haar geen ogenblik verdacht van diefstal. Het was een lelijke gedachte, maar ze kon het denkbeeld niet van zich afzetten, dat juffrouw van der Blonk de ring verstopt had, alleen om een klein relletje te maken, zoals vader geopperd had.

De ring was en blééf weg en aan de lunch genoot de zuster van den kapitein van het voorval. Ze vertelde het aan iedereen, die het horen wilde, dat men haar een kostbare ring ontstolen had. Ze zei niet, wie ze verdacht, maar ze maakte wel de opmerking, dat er iemand in het pension moest zijn, die niet eerlijk was.

Meneer Verschoor had stierlijk het land. Hij kon onmogelijk met zekerheid zeggen, dat de ring niét gestolen was. Hij moést zwijgen en afwachten wat de andere gasten er van zouden denken. Gelukkig nam niemand juffrouw van der Blonk ernstig en het ergerde de zuster van den kapitein genoeg, dat iedereen haar aanraadde, om nog eens goed te zoeken. Dan zou de ring wel weer te voorschijn komen, zei men.

Na de lunch vroeg juffrouw van der Blonk meneer Verschoor voor de tweede maal te sprekellk „Meneer,” zei ze, ,,ik zal nog tot morgenochtend wachten, of mijn ring teruggevonden wordt, en anders moet ik de politie er bij halen.”

„Werkelijk, juffrouw van der Blonk,” antwoordde vader Verschoor, „die ring is niet gestolen. De gasten en mijn dochters zijn boven iedere verdenking verheven en ik kan' niet geloven, dat de meisjes het gedaan zouden hebben, want ze zijn tussen negen en half tien helemaal niet boven

Sluiten